CCDD 63 – Beleidsplan

Hoe staat het met het beleidsplan?

Bovenstaande vraag wordt gesteld in één van de clubbladen uit 2006. Het gaat dan om het beleidsplan dat  op vrijdag 23 mei 1997, na een voorbereiding van bijna twee jaar, gepresenteerd wordt.  De beleidsplancommissie, bestaande uit Jan Baas, Jack van Beek, Klaas Brouwer, Henk Buitink, Evert van de Kamp, Ger Louis, Jaap van de Pol, Gerard Smeenk en Erik de Wilde, is trots op de nieuwe voetbalbijbel van sc Hoevelaken. Patrick Ladru, jeugdtrainer bij Ajax, is bij de presentatie aanwezig om een toelichting op het beleidsplan te geven. De zaken zijn dus serieus aangepakt.

Het boekwerk bestaat uit 88 pagina’s en kan als volgt worden samengevat: Het beleidsplan beoogt betere prestaties en een betere doorstroming van de jeugd naar de senioren, maar het plan bevat ook informatie over oefenstof in zijn algemeenheid, over taakomschrijving van kaderleden, trainers, leiders, groepsleiders, beleidstaken van het algemeen bestuur, wat van hen wordt verlangd en noem maar op. Zeer belangrijk zijn ook de gedragsregels van de spelers.

In genoemd clubblad van 2006 kijken jeugdvoorzitter Gerard Smeenk en jeugdcoördinator Leo Telle terug op het beleidsplan uit 1997. “Er is eigenlijk gebeurd waar we al een beetje bang voor waren: het plan is in de kast terecht gekomen en wordt niet gebruikt als een gerichte handleiding bij het uitdragen van de visie die we hebben ontwikkeld”.

Toch vindt Gerard Smeenk niet dat het beleidsplan voor niets is ontwikkeld. “Er wordt nog altijd gehandeld in de geest van het plan”, is zijn opvatting. “De rode draad die er in zit is heel goed. Alleen, de tijd is gekomen dat we nog eens goed naar het plan moeten kijken. Niet om het overboord te gooien, maar om het te herschrijven”.

De vraag blijft staan, waarom er tussen 1997 en 2006 maar zo weinig van het beleidsplan is vernomen. Hoe zit het bijvoorbeeld met het invullen van de registratieformulieren? Hoe verlopen de opfrisavonden? Wordt er wel geëvalueerd?

Leo Telle: “Het beleidsplan zit goed in elkaar, maar eigenlijk zijn we als vereniging te klein voor een dergelijk plan. De trainers binnen iedere leeftijdsgroep weten wel wat er rond loopt. Die formulieren hebben we na de intrede van het plan één of twee keer ingevuld, maar het bleek weinig zin te hebben. Bij diverse teams heb je te maken met goedwillende ouders die het leiderschap invullen. Die kun je niet met dergelijke formulieren belasten”.

“Komend seizoen (2006-2007) moeten we de opfrisavonden nieuw leven gaan inblazen”, gaat Leo Telle verder. “Volgens het beleidsplan moeten er vier van die avonden per seizoen worden georganiseerd, maar de opkomst viel steeds tegen. Waar we nu naar toe willen, is dat er gerichte trainingen komen voor zowel de teams, als bepaalde linies van teams. Zo hebben we Jaap van de Pol bereid gevonden om een aantal trainingen te verzorgen voor bijvoorbeeld alleen de aanvallers van bepaalde leeftijdsgroepen. Zo willen we ook trainingen gaan verzorgen voor verdedigers, middenvelders en keepers”.

In het seizoen 1997/1998, het eerste jaar dat er daadwerkelijk met het beleidsplan moet worden gewerkt, lukt het om zes keer bijeen te komen om het plan te evalueren. Al snel zakt de frequentie naar één, hooguit twee maal per jaar, om de trainers en leiders bij te praten. Bij de meeste ‘gebruikers’ zal het stof inmiddels centimeters dik op het plan liggen. “Daarom is het goed om het te herschrijven”, zegt Gerard Smeenk. “Het beleidsplan heeft in het verleden toch al haar vruchten afgeworpen, want het schept veel duidelijkheid. Bijvoorbeeld in het opeisen van spelers. Mensen onderkennen ook het belang van het beleidsplan, alleen gebeurt er te weinig mee”.

Komend seizoen (2006-2007) zal het beleidsplan nieuw leven ingeblazen worden, verzekeren Gerard Smeenk en Leo Telle. “Het is de bedoeling, dat er een commissie benoemd gaat worden die zich gaat buigen over het beleidsplan. Die moet het beleidsplan zo bekijken en herschrijven, dat het een hanteerbaar plan gaat worden. Uiteraard moeten daarbij de basisprincipes in tact blijven”.

Die basisprincipes zijn:

“Het is beslist niet de bedoeling het plan een eenmalig en tijdelijk karakter toe te kennen. Door middel van dit plan dient een beleid voor vele jaren neergezet te worden. Het dient een leidraad te zijn voor iedereen die met sc Hoevelaken bezig is. In het beleidsplan wordt de rode draad aangegeven. Er moet een eenduidige voetbalvisie zijn. Alle neuzen zullen in dezelfde richting moeten wijzen”.

“De kwantiteit van de jeugdafdeling is groot. Het beleidsplan is tot stand gekomen om de kwaliteit omhoog te brengen. Niet alles wat in dit plan beschreven is zal in een of meerdere jaren verwezenlijkt kunnen worden. Er is tijd nodig”.

“Veranderingen c.q. vernieuwingen kunnen weerstanden oproepen. Begrip en geduld zijn daarom zeker op zijn plaats. Het beleidsplan zal meer van mensen gaan vragen, vooral meer discipline. De mensen die zich niet kunnen vinden in dit plan horen niet meer in onze vereniging thuis”

“Het is van wezenlijk belang voor het geven van trainingen of het begeleiden van een jeugdelftal, dat iedere jeugdtrainer c.q. jeugdleider (m/v) op de hoogte is van de leeftijd typische kenmerken”.

“Het woord ‘selecteren’ heeft vaak in de praktijk een negatieve klank. Vaak gehoorde uitspraken zijn: het is nadelig voor de teamgeest en karaktervorming; er wordt alleen naar de meer begaafde spelers gekeken en de rest telt niet mee; er moet altijd maar prestatie geleverd worden, enz… In de praktijk blijkt vaak, dat een meer begaafde speler in zijn ontspanning ook meer prestatie wil leveren en een minder begaafde speler erg gevoelig is voor een goede begeleiding en een leuke ploeg met vrienden. In dat licht bezien streeft sc Hoevelaken een prestatief beleid na, waarbij het recreatief aspect niet verwaarloosd moet worden”.

“Keeperstraining is dikwijls het ondergeschoven kindje in de voetballerij en met name bij het jeugdvoetbal. De keeper heeft in het hedendaagse voetbal zo’n belangrijke rol gekregen, dat het van essentieel belang is dat er veel aandacht geschonken moet worden aan keeperstrainingen”.

“Belangrijk is dat er geen jeugdleiders voor hun eigen toko gaan strijden. Met meer openheid zal de ontwikkeling van de spelers beter gevolgd kunnen worden”.

“We hopen niet dat het beleidsplan in de kast zal komen te staan en dat het onder een laag stof terecht zal komen. Dit plan is bedoeld om mee te werken. Er zal daarom regelmatig evaluatie plaats moeten vinden. Als doelstellingen niet haalbaar blijken te zijn, dan moet het beleidsplan omwille van de praktische werkbaarheid bijgesteld worden”.

“Het volledige beleidsplan is altijd ter inzage beschikbaar. Belangrijk is dat allen die met dit plan gaan werken begrip en geduld kunnen opbrengen. Dit in het belang van de jeugd en van de vereniging sc Hoevelaken”.

Beleidsplan 2014-2019

In de eerste jaren van het tweede decennium van deze eeuw buigen met namen Arnold van den Hoeven, Robert Geijtenbeek en Henk van Ginkel zich over een nieuw beleidsplan. Na vele man-uren wordt er een gedegen boekwerk gepresenteerd op 6 februari 2015. Opnieuw wordt er een Ajacied uitgenodigd om het plan te becommentariëren: Theo van Duijvenbode. Zijn opmerking: “Mochten jullie zestig procent van dit plan weten te realiseren, dan hebben jullie het geweldig gedaan”.

Het jaar 2019 ligt al weer een tijdje achter ons en het is lastig peilen hoeveel procent van dit plan in de afgelopen vier, vijf jaar is gerealiseerd. Een aantal kernpunten uit het plan waren:

De individuele ontwikkeling van een speler is belangrijker dan het kampioenschap van een team.

De trainingen zullen voor een groot deel plaatsvinden in circuitvormen.

Ieder hoogste jeugdteam moet minimaal uitkomen in de hoofdklasse, ieder tweede team in de eerste klasse.

De circuittrainingen bleken een hele uitdaging, omdat het niveauverschil tussen de spelers van verschillende teams vaak te groot was.

Nog lang niet alle genoemde teams hebben het gestelde niveau bereikt.

Om het beleidsplan grondig uit te voeren werd Ben te Brake aangesteld als beleidsbewaker. Iedere betrokkene weet hoe dat is afgelopen met het hoofd jeugdopleidingen.

Beleidsplan uit de jaren tachtig, toen nog jeugdplan

Cees Stam was hoofdtrainer bij sc Hoevelaken van 1985 tot 1987. Hij nam in zijn tijd bij onze club het initiatief, samen met jeugdvoorzitter Dirk Glandorf, om ook een plan op te zetten, te starten op 30 september 1985. Bij de eerste bijeenkomst waren 22 belangstellenden, bij de laatste, op 24 maart 1986, nog maar zes. Desondanks is er een concrete basis gelegd, namelijk de invoering van groepsleiders per leeftijdscategorie. Die structuur kent onze club nog altijd.

Blijft een belangrijke vraag over: Welke Ajacied wordt er uitgenodigd om het beleidsplan van de volgende jaren te presenteren en analyseren?

Hoe dan ook, het beleidsplan is in de loop der jaren een terugkomende uitdaging, want buiten genoemde drie tijdsperiodes wordt er in de clubbladen ook in andere tijdsvakken over beleids- of jeugdplannen geschreven.

Top